De dood van Crispus en Fausta: Een Cold Case

De dood van Crispus en Fausta: Een Cold Case

De dood van Crispus en Fausta: Een Cold Case

Reacties uitgeschakeld voor De dood van Crispus en Fausta: Een Cold Case

Contantijn de Grote, de eerste christelijke heerser van het Romeinse Rijk, slaagde er met zijn Edict van Milaan in opgenomen te worden in de meeste moderne geschiedenisboeken. Constantijns eerste zoon, genaamd Crispus, werd dezelfde eer niet aangedaan, hoewel ook hij een belangrijke rol speelde in de politieke en militaire gebeurtenissen van de vroege vierde eeuw na Christus. Deze tijden waren erg roerig, aangezien er een vierkeizerregering (tetrarchie) was ingevoerd, waardoor verschillende keizers continu met elkaar in strijd waren.

Al op jonge leeftijd toonde Crispus zich een geschikte opvolger. Daarom werd hij in 317 na Christus tot de rang van Caesar verheven door zijn vader. Enkele jaren later, in 324 na Christus, speelde zich echter een waar tragedie af, toen Constantijn besloot zijn eerste zoon te executeren op Pola. Niet veel later werd ook Constantijns tweede vrouw, Fausta, ter dood gebracht in een kokend heet bad. Aangezien zowel Crispus als Fausta in de condemnatio memoriae raakten en hun namen dus overal werden verwijderd, zijn er verschillende theorieën ontstaan over hoe dit heeft kunnen gebeuren.

Solidus-Crispus-sirmium_RIC

Figuur 1: Gouden solidus geslagen in 323 n. Chr. met de afbeelding van keizer Crispus (305-326 n. Chr.).

Crispus’ volledige naam was Flavius Julius Crispus. Hij werd vermoedelijk geboren in 305 na Christus, als het resultaat van een relatie tussen Constantijn en een vrouw genaamd Minervina. Hoewel er onduidelijkheid is over haar status, zijn de meeste oude bronnen het er over eens dat zij een concubine was. We kunnen er zeker van zijn dat zij nooit met Constantijn trouwde, aangezien zij niet werd afgebeeld. Ze was in ieder geval al lang uit beeld toen Constantijn in 307 na Christus trouwde met Fausta, de dochter van keizer Maximianus en de zus van keizer Maxentius, om een politieke alliantie te smeden. Fausta baarde in totaal vijf kinderen: drie zonen genaamd Constantijn II, Constantius II en Constans en twee dochters genaamd Constantina en Helena. Toen Constantijn keizer Licinius versloeg in 324 na Christus, kregen zijn moeder –ook Helena genaamd– en Fausta de titel Augusta. Dit zorgde vermoedelijk voor wrijving tussen de twee, evenals het feit dat Fausta haar eigen kinderen voorrang gaf over Helena’s favoriete kleinzoon, Crispus.

Dit brengt ons bij de meest gangbare theorie over de dood van Crispus en Fausta, namelijk dat zij hem beschuldigde van romantische avances, om hem uit de weg te werken als opvolger van Constantijn. Toen Constantijn dit hoorde zou hij in razernij zijn zoon gedood hebben, om er vervolgens achter te komen dat de beschuldigingen vals waren, waarop Fausta er ook aan moest geloven. Dit verklaart echter niet waarom zowel Crispus als Fausta leden onder de condemnatio memoriae. Als Crispus inderdaad onschuldig was gebleken, had zijn naam in ere hersteld moeten worden. Dit is echter niet wat gebeurde. Ook doet dit verhaal sterk denken aan de mythe van Phaedra en Hippolytus, waarin een stiefmoeder haar zoon ook onterecht beschuldigt van verkrachting, waarna hij wordt verbannen door zijn vader Theseus, de koning van Athene. Het is daarom niet onwaarschijnlijk dat de werkelijke gebeurtenissen op deze manier werden gemanipuleerd door antichristelijke vijanden van Constantijn.

Figuur 2: Marmeren hoofd van keizerin Fausta (289-326 n. Chr.), momenteel in het Louvre in Parijs.

Figuur 2: Marmeren hoofd van keizerin Fausta (289-326 n. Chr.), momenteel in het Louvre in Parijs.

Maar wat waren die werkelijke gebeurtenissen dan precies? Een alternatieve theorie stelt dat Constantijn zijn zoon Crispus liet executeren, omdat hij illegitiem was. Volgens het christendom was opvolging namelijk alleen legitiem, wanneer de opvolger dat ook was. Tegen deze theorie is echter veel protest gekomen, aangezien het in dat geval nergens op sloeg voor Constantijn om Crispus in 317 na Christus wel tot de rang van Caesar te verheffen, wat automatische opvolging inhield. Dat Constantijn zijn meest ervaren Caesar plotseling liet executeren in 326 na Christus, wijst op de ontdekking van een misdaad. Een andere theorie geeft invulling aan wat dit voor misdaad geweest zou kunnen zijn: Crispus zou magie gebruikt hebben om zijn toekomst te laten voorspellen, wat van oudsher een strafbaar feit was. Tegelijk met Crispus werd namelijk ene Ceionius Rufius Albinus veroordeeld, waarvan we weten dat dit onder andere voor het gebruik van magie was. Bewijs om aan te nemen dat beiden voor hetzelfde werden berecht ontbreekt echter.

Gezien het grote mysterie rondom de dood van Crispus en Fausta en het feit dat de meeste oude bronnen melding maken van een geheime affaire tussen de twee, lijkt deze theorie ondanks de overeenkomsten met de mythe, toch het meest waarschijnlijk. Seksuele relaties tussen stiefmoeder en stiefzoon waren in het Romeinse Rijk vrij gebruikelijk, aangezien zij vaak dichter bij elkaar lagen qua leeftijd, dan de bruid en de bruidegom. Een dergelijke relatie werd in het Romeinse Rijk echter niet alleen gezien als overspel, zoals in het oude Athene, maar zelfs als incestueus. Dat zou verklaren waarom Crispus en Fausta nooit hersteld werden van de condemnatio memoriae. De meest extreme theorie stelt zelfs dat de dood van Fausta geen executie was, maar het gevolg van een mislukte abortus, aangezien zij zwanger was geraakt van Crispus. In hoeverre dit waar is, zullen we helaas nooit kunnen achterhalen. Deze cold case blijft voorlopig onopgelost.

jet-usr


Juliëtte Ronteltap (22) is een masterstudente Ancient History binnen het programma Classics and Ancient Civilizations van het Amsterdam Centre for Ancient Studies and Archaeology (ACASA). Deze opleiding vindt zowel plaats op de Vrije Universiteit (VU) als op de Universiteit van Amsterdam (UvA), waardoor een breder vakaanbod gerealiseerd kan worden. Hierbinnen specialiseert zij zich in laat Romeinse geschiedenis. Hiervoor heeft zij een bachelor Geschiedenis gevolgd aan de VU, met als specialisaties Contemporaine en Oude geschiedenis. Daarnaast is zij momenteel voorzitter van de Facultaire Studentenraad (FSR) van de VU en lid van de opleidingscommissie van Oudheid.

About the author:

Nieuwsbrief

Back to Top