De bron van Quattro Stagioni

De bron van Quattro Stagioni

De bron van Quattro Stagioni

2 Reacties op De bron van Quattro Stagioni

Ieder jaar worden er weer honderden historische boeken uitgebracht. Maar ongeacht je interesse en de bestaande historiografie, primaire bronnen, in al hun soorten en maten, blijven essentieel voor geschiedkundig onderzoek. De komende weken keren we “Terug naar de bron,” en laten we Jonge Historici aan het woord over hun meest waardevolle historische bron. Deze week laat Emma de Cort je kennismaken met het bijzondere Italiaanse tijdschrift L’Illustrazione Italiana. 

Wat is er nou Italiaanser dan Michelangelo, ricotta, bunga-bungafeesten en met agressieve gestes je ongenoegen uiten? Wat wij typisch Italiaans vinden, is in ieder geval vaak te vatten in dit soort culturele uitingen. Maar wat ècht Italiaans is, daar steggelen de culinaire puristen zelf al eeuwen over. De situatie werd zelfs behoorlijk nijpend toen de droom van eenwording een officiële werkelijkheid werd aan het einde van de negentiende eeuw. In de eeuwen daarvoor waren onze extraverte zuidervrienden al druk bezig hun ‘Italiaansheid’ te vatten in italianità, een term die even prachtig als verraderlijk is. In italianità lagen namelijk de positieve kenmerken van een inheemse culturele aard besloten die vanaf de Romein tot in de negentiende-eeuwse Italiaan te vinden waren. Italianità bleek echter van vloeibare inhoud, afhankelijk van het dienstdoende politieke regime, religieuze overtuigingen, geografie en talloze andere factoren.[1] Het stichten van een politieke, militaire en economische eenheid was dus misschien gelukt in 1871, maar het vinden van een gezamenlijke culturele identiteit en geschiedenis ter ondersteuning van deze eenwording, de culturele kers op de nationale taart, bleek een hels karwei.

Toegegeven, de wens om een culturele eenheid te vormen leefde vooral bij een specifiek deel van de L'Illustrazione Vaticaanintellectuele elite. Nationalistische propaganda was daarom vooral gericht aan de opgeleide, kritische middenklasse. En dit publiek was weer precies de doelgroep van het Italiaanse geïllustreerde magazine, L’Illustrazione Italiana, dat in 1873 het levenslicht zag.[2] Het was één van de eerste geïllustreerde tijdschriften, geproduceerd door de uitgeverij van de gebroeders Treves uit Milaan. Het magazine bood de lezer artikelen over actualiteiten, kunst en poëzie maar ook rubrieken over mode en recepten. Artikelen werden geïllustreerd met afdrukken van etsen en na 1900 met afdrukken van foto’s. De gebroeders Treves wilden hun tijdschrift in het hele land verkopen en om een nationaal lezerspubliek te bereiken, cultiveerden ze in hun blaadje vooral nationale sentimenten, ofwel italianità. Om een grotere vraag naar boeken, Treves’ belangrijkste producten, te creëren, ging er bovendien veel aandacht uit naar literatuur.[3] Mijn onderzoek behandelde de aanwezigheid van artikelen over architectuur, beeldende kunst en beeldhouwwerken in het magazine. Daarbij keek ik in het bijzonder naar artikelen over Middeleeuwse en Renaissancistische kunst in relatie tot wat italianità op verschillende momenten in de Italiaanse geschiedenis betekende. Zo luidde het Verdrag van Lateranen in 1929 een verbeterde verhouding in tussen kerk (Vaticaan) en staat (Mussolini). In de Illustrazione leidde dit tot een grotere hoeveelheid artikelen over Middeleeuwse kunst, een herwaardering van Gotische architectuur en een nadruk op het katholieke karakter van de kunstenaars. Het resulteerde in de herdefiniëring van dé Italiaan als katholiek.

Als Illustrazione-fetisjist kan ik talloze redenen bedenken waarom precies de wekelijkse uitgave van de gebroeders Treves zo’n dankbare bron is bij het onderzoek naar de ontwikkeling van italianità ná de eenwording. Ik zal me beperken tot de twee belangrijkste kenmerken. Ten eerste werd de Illustrazione namelijk van 1873 tot 1962 gepubliceerd.[4] Hetgeen betekent dat je er zowel kortstondige gebeurtenissen als langdurige ontwikkelingen mee kunt onderzoeken. Zelf koos ik drie jaargangen (1890, 1910 en 1930) die drie verschillende politieke en culturele klimaten representeerden. Omdat het magazine maar liefst 89 jaar lang een wekelijkse uitgave was, kun je bovendien in  bergen materiaal speuren en het grootste deel daarvan is online in te zien in een open digitale database. De keuze is dus reuze en vanwege de veelzijdige inhoud makkelijk aan te passen aan jouw onderwerp.

Illustrazione kleurDe populariteit van de Illustrazione is eveneens belangrijk bij onderzoek, omdat haar inhoud en invloed dus veel Italianen bereikt zullen hebben. Aan het einde van de negentiende eeuw hadden geïllustreerde magazines kranten en boeken sowieso ingehaald in de race om populariteit onder de Italianen. Het concept veranderde de leesgemeenschap en de leeservaring. Zo diversifieerde het de leesgemeenschap door in speciale rubrieken aandacht te schenken aan de interesses van vrouwelijke lezers en jonge lezers. De illustraties openden daarnaast de toegang tot de inhoud voor een grote groep ongeletterde Italianen in de berucht analfabetische laars (en voor onderzoekers zoals jij die wellicht geen Italiaans kunnen lezen). Bovendien circuleerde het magazine, waardoor één blaadje vaak vier of vijf Italianen bereikte.[5]  Voor ons Milanese tijdschrift in het bijzonder gold dat het in het decennium na haar oprichting het populairste wekelijkse uitgave werd en dat zou blijven tot in de twintigste eeuw.[6]

Zie de Illustrazione Italiana als een pizza. Je kunt hem beleggen met hartige politieke onderwerpen, zoete culturele onderwerpen en alles wat er tussen zit. En als iemand zegt dat je er geen ananas en ham op mag leggen omdat dat on-Italiaans zou zijn, kun je dat soort (goedbedoelde maar eigenlijk een beetje elitaire) adviezen prima negeren, want ananas op je pizza is gewoon hartstikke lekker en smaken verschillen nou eenmaal, toch? Goed. Doe in ieder geval je wetenschappelijke voordeel met de Illustrazione, zou ik zeggen. Wie weet wat voor verrassingen dat kan opleveren!

Bronnen

[1]Claudio Lazarro, ‘Forging a Visible Fascist nation: strategies for fusing past and present’, Claudio Lazarro, and Roger J. Crum (ed.), Donatello among the Blackshirts: History and modernity in the visual culture of Fascist Italy (Ithaka, 2005), 13-31, 14.

[2] Adrian Lyttelton, ‘Creating a national past’, in Albert R. Ascoli and Krystyna C. von Henneberg (ed.), Making and Remaking Italy: the cultivation of national identity around the Risorgimento (Oxford/Berg 2001), 27-74, 29. Overigens, bij de oprichting van het tijdschrift op 14 december 1873 heette het Nuova Illustrazione Universale. Vanaf 1 november 1875 ging het magazine door het leven als Illustrazione Italiana.

[3] John Dickie, Darkest Italy: The nation and stereotypes of the Mezzogiorno, 1860-1900 (1999), 86-87.

[4] Bij de oprichting van het tijdschrift op 14 december 1873 heette het Nuova Illustrazione Universale. Vanaf 1 november 1875 ging het magazine door het leven als Illustrazione Italiana.

[5] David Forgacs and Stephen Gundle, Mass culture and Italian society from Fascism to the Cold War (Bloomington (IN), 2007), 36-37.

[6] Nelson Moe, The view from Vesuvius : Italian culture and the Southern question (Berkeley 2002), 197.

Emma de Cort

 

Emma de Cort (25) heeft haar Geschiedenis-era aan de Radboud Universiteit in Nijmegen afgesloten met een masterthesis over de representatie van de Middeleeuwen door kunst in het Milanese magazine ‘L’Illustrazione Italiana’ ten tijde van het Fascisme. Ze is nu op zoek naar een toffe baan, maar werkt tot die tijd met veel plezier in het Radboud ziekenhuis. Haar vorige stuk voor JH ging over buitenlandse schilders in Holland. Haar vrije tijd verdeelt ze over haar stage bij de gemeenteraadsfractie van GroenLinks, hardlopen, en vakanties naar Italië bij elkaar fantaseren. 

About the author:

2 Comments

  1. Koen de Groot  - 9 maart 2016 - 17:54
    /

    Maar in welk archief vinden we dit tijdschrift?

  2. Emma de Cort  - 11 maart 2016 - 12:25
    /

    Dag Koen,

    Enkele jaargangen van de Illustrazione kun je op zoeken in verschillende bibliotheken in Nederland. Zo weet ik dat er in Centrale bibliotheek van de Radboud universiteit een stuk of drie jaargangen (deels) beschikbaar zijn. Op picarta kun je dat zien. Verder heb je ook vrij toegang tot de digitale exemplaren op de volgende website: http://periodici.librari.beniculturali.it/PeriodicoScheda.aspx?id_testata=1 .

    Mocht je graag onderzoek willen gaan doen naar de Illustrazione, kun je ook overwegen om een tijdje in Italië te verblijven. In de centrale bibliotheek van Florence bijvoorbeeld, zijn een heleboel jaargangen beschikbaar voor inkijk. Mijn gok is dat dit in veel grote steden niet anders zal zijn. Mocht je hierover meer willen weten, dan kun je altijd mailen met Jonge Historici. Je mailt komt dan automatisch bij mij terecht.

Nieuwsbrief

Back to Top