De ivoren gezichten van Alexander de Grote

De ivoren gezichten van Alexander de Grote

De ivoren gezichten van Alexander de Grote

Reacties uitgeschakeld voor De ivoren gezichten van Alexander de Grote

Ieder jaar worden er weer honderden historische boeken uitgebracht. Maar ongeacht je interesse en de bestaande historiografie, primaire bronnen, in al hun soorten en maten, blijven essentieel voor geschiedkundig onderzoek. De komende weken keren we “Terug naar de bron,” en laten we Jonge Historici aan het woord over hun meest waardevolle historische bron. Vandaag vertelt Els Meijer over haar onderzoek naar ivoren gezichten en hun opvallende connectie met Alexander de Grote en zijn vader Philip.

Hoe zagen Alexander de Grote en zijn vader Philip II (ca. 4e eeuw voor Christus) er uit? Tijdens mijn onderzoek naar de Macedonische monarchie heb ik mij met deze vraag bezig gehouden. De klassieke literaire werken beschrijven Philip als een veertiger met een baard en een wond aan zijn rechteroog, en Alexander als een jongeman met een wilde bos krullen die zijn hoofd altijd een tikje scheef hield. Echter, omdat deze literaire werken pas eeuwen na de dood van Alexander geschreven zijn, zijn deze omschrijvingen waarschijnlijk gebaseerd op geïdealiseerde postume beeltenissen van beide mannen.

Door literaire bronnen weten we dat beide koningen tijdens hun leven standbeelden van zichzelf hebben laten maken, maar deze waren gemaakt van brons en goud en zijn naar alle waarschijnlijkheid al eeuwen geleden omgesmolten. Oudheidkundigen zijn daarom op zoek gegaan naar andere materialen om erachter te komen hoe deze twee Macedonische koningen er echt uit zagen. Een voorbeeld hiervan zijn kleine ivoren gezichtjes die gevonden zijn in verschillende Macedonische graven.

Figuur 1: een reconstructie van de kline van vermoedelijk Philip II, Polycentric Museum of Aigai

Figuur 1: een reconstructie van de kline van vermoedelijk Philip II, Polycentric Museum of Aigai

In het Macedonië van de vierde eeuw voor Christus was het niet gebruikelijk om de doden in een kist te leggen. In plaats daarvan werden met name de rijken op een baar, een zogeheten kline, te rusten gelegd. Dergelijke baren werden mooi versierd, onder andere met figuurtjes van beschilderd ivoor en houtsnijwerk. Hierbij werden de kleren en het haar van hout gemaakt, maar de zichtbare lichaamsdelen zoals armen en het hoofd van ivoor. Aangezien het hout niet bewaard is gebleven, hebben we nu alleen nog de ivoren stukken over. Een reconstructie van een dergelijke kline is te zien op figuur 1.

Figuur 2: Ivoren beeldjes, Polycentric Museum of Aigai (met dank aan Dr. Maria Stamatopoulou)

Figuur 2: Ivoren beeldjes, Polycentric Museum of Aigai (met dank aan Dr. Maria Stamatopoulou)

Zulke ivoren beeldjes zijn ook gevonden in Tombe II in Aigai (nu Vergina), de hoofdstad van het oude Macedonië. Deze tombe is één van de koninklijke tombes, en veel wetenschappers geloven dat het wel eens de tombe van Philip II zelf zou kunnen zijn, al is hier verder geen direct bewijs voor. Op figuur 2 zijn de ivoren hoofdjes te zien zoals deze tentoon worden gesteld in het Polycentric Museum of Aigai in Griekenland. Een aantal vooraanstaande oudheidkundigen zijn van mening dat de twee hoofdjes die op de verhoging tentoon gesteld zijn, Philip en Alexander zelf voor moeten stellen. En inderdaad, deze twee lijken veel op de beschrijving van Philip en Alexander die we uit de literaire teksten kennen. Maar hoe zit het met de twee hoofdjes direct daaronder? Deze lijken toch ook wel erg veel op ‘Philip’ en ‘Alexander’.

Figuur 3

Figuur 3: Ivoren gezicht uit Lefkadia (met dank aan Dr. Maria Stamatopoulou)

Er zijn nog wel meer plekken waar ‘Philips’ en ‘Alexanders’ ontdekt zijn. Een goed voorbeeld is de Tombe van de Palmetten in Lefkadia. Daar zijn 23 ivoren hoofden gevonden die sprekend lijken op die van Tombe II in Aigai, zoals bijvoorbeeld de jongeman die te zien is op figuur 3. Ook in andere graven verspreid over heel Macedonië zijn soortgelijke figuurtjes gevonden. Door opgravingsverslagen door te spitten, kwam ik erachter dat er maar liefst 41 Macedonische tombes zijn waarin ivoren decoraties zijn gevonden. Het ivoor is niet overal even goed bewaard gebleven, maar toch zijn de ivoren figuurtjes bij een flink aantal van deze tombes nog herkenbaar.

Wat opvalt bij een aantal van deze vondsten is dat er naast de ivoren jongemannen en mannen met baarden ook hoofdjes gevonden zijn met ivoren helmen. Het is onduidelijk waarom het haar en de kleren niet, maar de helm wel van ivoor gemaakt werd, maar het geeft wel een goede indicatie van wat de ivoren voorgesteld moeten hebben. Naar alle waarschijnlijkheid moesten de ivoren beeldjes een veldslag of een jacht uitbeelden, een populair thema in de Macedonische kunst dat ook veel te zien is in de bewaard gebleven mozaïeken. Over het algemeen valt hierover te zeggen dat er niet één specifieke instantie van een jacht werd uitgebeeld, maar eerder een geïdealiseerde versie hiervan. Op basis hiervan, en op basis van het grote aantal ‘Philips’ en ‘Alexanders’ dat in verschillende tombes gevonden is, was mijn conclusie dan ook dat de ‘Philips’ en ‘Alexanders’ helemaal geen portretten zijn. Hoogstwaarschijnlijk hebben we hier te maken met geïdealiseerde representaties van mannen van verschillende leeftijden.

Desondanks geven de ivoren beeldjes ons wel een bijzonder inkijkje in de Macedonische kunst. In rijkere graven zijn naast de ivoren beeldjes ook mozaïeken en wandschilderingen gevonden die een jacht of een veldslag uitbeelden. Dit laat zien dat het op deze wijze afbeelden van de dood blijkbaar erg geschikt bevonden werd voor de funeraire context. Wellicht hebben we hier te maken met de graven van soldaten, die ook na hun dood nog verder strijden aan de zijde van de koning. Zo hebben Philip en Alexander toch nog wat met de ivoren beeldjes te maken!

Els 0903.JPG Els Meijer (1989) is momenteel bezig met haar promotieonderzoek aan de University of Reading (UK) betreffende expliciete uitingen van Macedonische identiteit in relatie tot het koningshuis van de Argeaden, met name in de vierde eeuw voor Christus. Hiervoor heeft zij haar bachelor Taal & Cultuur Studies met een major in Antieke Cultuur, en haar onderzoeksmaster Ancient Studies behaald aan de Universiteit Utrecht.

 

About the author:

Nieuwsbrief

Back to Top