Onze man in Florence: Tegenstellingen in heden en verleden

Onze man in Florence: Tegenstellingen in heden en verleden

Reacties uitgeschakeld voor Onze man in Florence: Tegenstellingen in heden en verleden

De San Clemente

Hoewel Florence qua bezienswaardigheden weinig te wensen over laat, is mijn favoriete kerk in Rome te vinden. Even ten oosten van het Colosseum bevindt zich de indrukwekkende San Clemente. Bezoekers komen binnen in een fraaie twaalfde-eeuwse basiliek, maar kunnen via trappen afdalen naar een vierde-eeuwse kerk met verwijzingen naar Methodus en Cyrillus. Zij waren heiligen die een grote rol speelden in de bekering van de slaven naar het christendom. Nog een verdieping lager is er een heidens heiligdom te vinden, gewijd aan Mithras, en een Romeins woonhuis. Naast deze lagen is er een metaforische laag te ontdekken; waar de kerk voorheen als een heiligdom bestond, daar is deze nu zowel heiligdom als museum. Waar gelovigen het gebouw als heiligdom erkennen, daar bekijken toeristen de kerk op een op een afstandelijke, objectiverende wijze.

De verschillende lagen vormen tevens een treffende metafoor voor de geschiedenis. Zowel de opkomst en het verval van het Romeinse rijk, het vroege christendom en het Latijnse katholicisme lieten hier sporen achter. Maar ook de beperkte publieke rol die het christendom nu inneemt, valt hier te zien. Bovendien, deze verschillende lagen representeren historische conflicten. Oudheid versus christendom, het westers versus het oosters christendom en uiteindelijk een strijd over de politieke rol van het christendom.

Wat waren de intellectuele grondslagen van deze conflicten? Isaiah Berlin zei daarover dat de wereld door kwesties verdeeld wordt. Allerlei debatten en conflicten kunnen begrepen worden als fundamentele meningsverschillen over kwesties over de inrichting van de samenleving. Dit zijn echter geen eeuwige vragen waarover alle denkers van Plato tot Habermas het hoofd over hebben gebroken; kwesties zijn uiteindelijk historisch en verschillen daarom van hedendaagse vraagstukken. Daardoor is het bestuderen van historische kwesties vaak zo verwarrend. Enerzijds zijn sommige kwesties heel begrijpelijk, maar anderzijds is er ook de vreemdheid van het verleden met al zijn onnavolgbare argumenten en gewoonten, waar Robert Darnton zo vaak op gewezen heeft, bijvoorbeeld in zijn essaybundel The great cat massacre.

Christelijke kwesties

Terug naar de lagen van de San Clemente. Het conflict tussen het oosterse en westerse christendom draaide om het beruchte woord filioque, ofwel de vraag of de Heilige Geest alleen van God de Vader uitging, of van zowel God de Vader en de Zoon. Het wezen van God stond hiermee op het spel. En mochten theologen wel iets toevoegen aan de traditionele geloofsbelijdenis? Een kwestie die voor ons wellicht wat obscuur aandoet, maar die iets begrijpelijker wordt als we kijken naar de status van moderne constituties vandaag. Die veranderen we niet zomaar.

Enkele discussies die gevoerd werden binnen de katholieke kerk zijn net zo begrijpelijk. Ik kan me herinneren dat ik tijdens het lezen van De naam van de roos van Umberto Eco de Middeleeuwen wat beter begreep. Eco wist op virtuoze wijze de filosofische meningsverschillen tussen de nominalisten en realisten uit te leggen, maar vooral de discussie tussen franciscanen en de benedictijnen scherp te verwoordden. Zij debatteerden over de vraag of Jezus goederen in bezit had gehad op aarde of deze slechts had gebruikt. In Berlins terminologie draaide deze obscure discussie om de kwestie of de kerk arm of rijk moest zijn.

Andere historische kwesties zijn iets makkelijker te begrijpen, omdat ze eenvoudigweg om macht leken te draaien. Dit is te zien in de Santa Maria Novella in Florence, de kerk van de Dominicanen naast het station. Een bijzonder altaarstuk in deze kerk, gemaakt door Orcagna (1308-1368), laat zien hoe Jezus de sleutels van zijn Koninkrijk weliswaar aan Petrus geeft, maar tegelijkertijd een boek overhandigt aan de dominicaan Thomas van Aquino (1225-1274), dezelfde filosoof die zo’n belangrijke rol speelt op de achtergrond in De naam van de roos. Dit lijkt op opmerkelijke zelfpromotie van de Dominicanen, die hun eigen theoloog naast Petrus zetten, terwijl prominenten als Paulus en Johannes de Doper het met een plek op de tweede rang moeten doen.

Binnen de christelijke wereld bestaan nog steeds soortgelijke kwesties, maar men is minder geneigd op elkaar tenen te gaan staan. Zo ontmoeten paus Franciscus en Bartholomeus I, de patriarch van de oost-orthodoxe kerk, elkaar regelmatig. Afgelopen week was er voor het eerst een anglicaanse evensong, zowel in de Sint-Pieter in Rome als in het Baptisterium in Florence, de doopkapel naast de Duomo. De oorspronkelijke conflicten zijn niet opgelost, maar hebben aan urgentie verloren.

Hedendaagse kwesties

Tot slot de laatste laag van de San Clemente; de kerk vervuld nu zowel een kerkelijke als toeristische functie. Dit correspondeert met de veranderde politieke rol van het christendom en de opkomst van nieuwe kwesties. Hedendaagse christelijke politieke partijen vertegenwoordigen slechts posities op het seculiere politiek spectrum dat we geërfd hebben van de Franse Revolutie.

Dit vocabulaire is echter niet erg bruikbaar meer. In het publieke debat is er een neiging om iedereen in te delen in links en rechts, progressief en conservatief. Wanneer iemand hier niet in past, is dat eerder een reden inconsistentie te vermoeden dan het in twijfel trekken van het kader. Zelfs wanneer de sociaaleconomische as van links-rechts en de culturele as van progressiviteit of gebrek daaraan ooit voldaan heeft, dan geldt dat steeds minder. Zij zijn tot op de draad versleten.

Als Berlin gelijk heeft en het kwesties zijn waarover de meningen verschillen, dan behoort de Franse Revolutie niet meer tot die kwesties. Daar zijn andere conflicten voor in de plaats gekomen. Zowel op ‘links’ als ‘rechts’ worden partijen verdeeld door een nationale of internationale focus. Daarnaast is leeftijd politiek relevant geworden, terwijl de ecologische beweging zowel natuur als dierenwelzijn op de politieke agenda heeft gezet. Tot slot wordt etniciteit een factor van belang in de Tweede kamer en lijkt het breukvlak man-vrouw binnen vele partijen een toenemende rol te spelen.

Berlin had gelijk toen hij zei dat het kwesties zijn die de geesten scheiden, maar de kwesties worden constant geherdefinieerd. Onze tijd lijkt te vragen om een nieuwe politiek vocabulaire dat de scheidslijnen in kaart kan brengen. De academie is hierin verder dan de media. Maar toch blijft het de vraag of we onze politieke begrippen moeten aanpassen, want het benoemen van de zaak is geen neutrale aangelegenheid, het is deel van het verhaal. Dus ook het feit dat we nog steeds teruggrijpen op de Franse Revolutie moet in dit verband een rol spelen.

Gertjan Schutte (26) studeerde intellectuele geschiedenis en economie in Rotterdam. Deze twee interesses probeert hij bij elkaar te brengen in zijn PhD onderzoek naar economisch denken in het laatste kwart van de achttiende eeuw. Afgelopen september ging hij hiermee van start aan het Europees Universitair Instituut in Florence. Contact via gertjan.schutte@eui.eu

About the author:

Back to Top