Rot op naar je eigen land!

Rot op naar je eigen land!

Rot op naar je eigen land!

Reacties uitgeschakeld voor Rot op naar je eigen land!

Vluchtelingen, backpackers, forenzen: bewegingsstromen domineren de sociale geschiedenis en de maatschappelijke actualiteit. Jonge Historici staat deze weken stil bij het thema ‘Over de grens’, verplaatsingsverhalen in al hun gedaantes en facetten. In navolging van de succesvolle TV-serie met dezelfde titel pleit historicus Willem de Kleijne vandaag voor culturele verrijking door te gaan reizen. Ervaar een andere omgeving en ontdek dat je eigen ongerief wel meevalt!

De moskee op een hoek in Amsterdam Oost roept misschien vijf keer per dag op tot gebed, maar doet dat niet langer dan een minuut of drie per keer. In Guatemala zijn de Evangelische kerken aan zo’n sterke opmars bezig, dat het gebruikelijk is om speakers aan de gevel te hangen en tweemaal daags een dienst met de rest van het dorp te delen. Naar goed protestants gebruik vinden er nogal eens afsplitsingen plaats, waardoor het normaal is om vijfentwintig kerken te hebben in een plaats zo groot als Boxmeer. Je kunt je de kakafonie van donderpreken vermoedelijk wel voorstellen. Thuisgekomen ga je spontaan de Muezzin op de hoek knuffelen, blij dat er in jouw straat geen religieuze audio-oorlog heerst.

Ik betoog dat het goed is om te reizen om te ervaren hoe het is om vreemdeling te zijn. Maar hoe voelt dat dan? De woorden Bahasa die je als blanke in Indonesië of Maleisië het meeste hoort zijn niet selamat sore (goedemiddag) of santi (proost), maar bulé (buitenlander). Het woord betekent letterlijk dikneus en is de lokale variant op het oer-Hollandse spleetoog. Gelukkig willen ze vervolgens wel allemaal met je op de foto: je bent immers een lange, harige bezienswaardigheid. Het is een verrijkende ervaring om eens naar een plek te gaan waar je iedere tien minuten geconfronteerd wordt met je anders-zijn. Ook (misschien wel juist) voor diegenen die niet snappen waarom Nederlanders met een kleurtje zich ergeren aan zwarte piet, is een tripje naar Sumatra een eyeopener. Het een verfrissende ervaring om eens te merken dat jouw cultuur niet als superieur wordt gezien.

Met vrienden nam ik het initiatief om een project te starten om onze nieuwe buren in het grootste AZC van Nederland welkom te heten. Gevangen in het post-master vacuüm dat de meeste jonge historici wel kennen, bedachten wij het Welcome Dinner Nijmegen. Door vluchtelingen bij Nijmegenaren aan tafel te zetten, zorgen we voor gezelligheid en wederzijds begrip. Praten over eten is simpel, waar je ook vandaan komt. Het leverde me drie vrienden op, die me geleerd hebben Syrische gerechten te maken en dikneus in het Syrisch Arabisch te zeggen (anf kabir). Ik vond het erg moeilijk om ze te vertellen dat we enkele maanden niet zouden kunnen afspreken omdat ik in verschillende constellaties de wereld af zou reizen. Zij zijn, met doodsangst in hun hart, te voet een vijftal zwaarbewaakte grenzen gepasseerd. Ondertussen loop ik voor mijn lol honderd kilometer naar de Mexicaanse grens om enkele tempels te zien. Valt dat uit te leggen?

Over uitleggen gesproken, ga eens in de rij staan voor de border control in New York. Er groeide inmiddels een halve muskusrat op mijn bovenlip, en de stempels van Cuba, Vietnam en wat andere bananenrepublieken in mijn paspoort hielpen ook niet mee. Natuurlijk had ik van tevoren braaf aangevinkt dat ik geen terroristische plannen had, maar onze wandeling met de Maya-guerrilla in de hooglanden van Nebaj stond nog op mijn netvlies. Na wat smalltalk met de douanebeambte over de Guatemalteekse keuken vroeg hij terloops of we nog in de jungle waren geweest. Mijn wandelschoenen droegen het modderige bewijs nog aan beide flanken. “Where did you stay, mister?” Bekennen dat we vijf dagen door de jungle gebanjerd hadden met een ex-militair in de week dat de halve legertop opgesloten werd wegens genocide, was misschien niet het beste idee. “In hotels, mostly”, was dan ook mijn laffe antwoord. Als mijn huid niet blank was en mijn paspoort niet bordeauxrood, dan was ik daar statistisch gezien niet zo gemakkelijk weggekomen.

De posters "No Way. You will not make Australia home" zijn onderdeel van de Australische anti-immigratiecampagne.

De posters “No Way. You will not make Australia home” zijn onderdeel van de Australische anti-immigratiecampagne.

De inperking van bewegingsvrijheid door de staat wordt pas echt tastbaar wanneer je geen paspoort hebt. Als Nederlander wentel je je in visa-waiver programma’s, stempeltjes on arrival en koop je gewoon een uitnodiging voor Vietnam. Ondertussen hangen de ramen van hostels in Indonesië vol met posters uit de serie ‘You Will Not Make Australia Home’. Het hypocriete is dat diezelfde Balinese hostels voornamelijk bevolkt worden door jonge Australiërs die de alcoholbelasting in eigen land ontvluchten. Zijn zij economische vluchtelingen?

Wanneer je zelf een buitenlander geweest bent en de uitsluitingsmechanismen, het onbegrip of de xenofobie van een lokale bevolking hebt ondergaan, snap je pas hoe kwetsend het vluchtelingendebat in Nederland soms is. Dikneus.

WillemWillem de Kleijne studeerde Politieke Geschiedenis aan de Radboud Universiteit. Hij was voorzitter van Studentenvakbond AKKU en stond aan de wieg van Welcome Dinner Nijmegen. Na ervaring opgedaan te hebben bij Capgemini en het Ministerie van BZK werd hij Impact Nomad. Bij deze startup kan hij zijn liefde voor verre reizen combineren met het helpen van mensen in rampgebieden.

About the author:

Nieuwsbrief

Back to Top