Recensie | Het Nederlands Openluchtmuseum

Het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem bestaat al sinds 1912, en is absoluut één van de klassiekers van de Nederlandse musea. Tijd om er eens aandacht aan te besteden!

Geschiedenis bewaren

Het cultuurhistorisch museum is mede opgericht door historicus Frederic Adolph Hoefer. Hij zag dat door industrialisatie steeds meer kleine ambachten en regionale verschillen begonnen te verdwijnen, en wilde dit allemaal vastleggen en bewaren voor latere generaties. Wat ik me niet realiseerde toen ik er als kind voor het laatst was, is dat alle gebouwen ‘echt’ zijn: het zijn geen kopieën van historische gebouwen, maar historische gebouwen die in zijn geheel naar het museum zijn overgebracht. Vervolgens zijn de gebouwen authentiek ingericht; er zijn negentiende-eeuwse arbeidershuisjes met eenvoudige houten meubels en een Vinexhuis met kleurrijk interieur uit de jaren ’60, maar bijvoorbeeld ook een ijssalon uit de vorige eeuw waar ze gelukkig ook echt ijs serveren. Er is veel te doen in deze gebouwen. In sommige huisjes kun je oude ambachten bekijken, zoals in het wevershuisje of bij de smid. Toen ik langsging was de smid net bezig; ik dacht dat het een of andere authentieke ophanghaak voor een boerderij zou worden, maar het werd een flessenopener. Een leuke combinatie van oud en modern vind je in de fotostudio. Hier krijg je laat negentiende-eeuwse kleding aan die je met klittenband kunt vastmaken, en de digitale foto’s worden ter plekke met Photoshop van een sepiatint voorzien. Tot slot is er ook een schattige antieke tram, die de verschillende delen van het park met elkaar verbindt.

Oud-Hollands pretpark

Op basis van hoe ik het hierboven beschreef, zou het museum bijna als een soort oud-Hollands pretpark kunnen gaan klinken. Toch is dat ook weer niet waar. De verhalen die de huizen vertellen zijn zeker niet altijd even gezellig en nostalgisch. Het park staat vol met kleine huizen waar vroeger veel te veel mensen op elkaar gepakt in moesten wonen. En als je de steeds modernere huizen ziet, wordt maar weer eens duidelijk hoeveel vooruitgang er de afgelopen eeuw is geboekt qua publieke voorzieningen. Neem bijvoorbeeld het Groene Kruis-gebouw, waarvan er vroeger veel door Nederland verspreid waren. Dit waren een soort grote huisartsenpraktijken waar mensen van douches gebruik konden maken en waar kinderen werden ingeënt. Dit gebouw laat goed zien hoeveel we hebben geleerd over bijvoorbeeld kinderziektes en hygiëne, en hoe belangrijk het is om mensen hier goed in te ondersteunen en goede voorlichting te geven. We zien ook werkplaatsen van ambachtslieden van wie het werk door automatisering werd vervangen of irrelevant werd, of die anderszins van allerlei omstandigheden buiten hun macht afhankelijk waren. Het heeft ergens ook iets droevigs om te lezen over molens die voor het laatst werden gebruikt of huizen die gesloopt zouden worden, maar door interventie van het museum nu als bevroren in de tijd verder gaan. Maar het goede nieuws is dat we er allemaal iets van kunnen leren, waardoor de bouwwerken hiermee een educatief belang krijgen dat ze anders misschien niet hadden gehad.

‘Normale mensen’

Over het algemeen staat het Openluchtmuseum vooral vol met dingen die voor ‘gewone’ Nederlanders belangrijk waren. Veel grote, chique gebouwen zul je hier niet vinden, maar dat zijn ook niet de gebouwen die snel verloren dreigen te gaan. De gebouwen zitten sowieso meer in de huiselijke of alledaagse sfeer; ook iets groots zoals de zuivelfabriek of de jaknikker hebben direct met het dagelijks leven en onze voorzieningen te maken. Dit geeft het museum iets sympathieks, en laat zien dat ook alledaagse voorwerpen waar we soms nauwelijks naar omkijken een plek in de geschiedenis kunnen innemen. Bij het huis uit de jaren ’60 stond een oude rode PTT-brievenbus, waarvan ik me toen pas realiseerde hoe lang ik hem al niet had gezien, maar hoe bepalend zoiets ooit was voor het straatbeeld. Ook de overgang van postkoetsen naar treinen en ander modern vervoer is leuk in beeld gebracht. Zo staat er een oude loods van een postkoetsenbedrijf naast het perron van een treinstation.


Na verloop van tijd begonnen de vele boerderijen en kleine huisjes me wel enigszins te duizelen, en er valt niet over elk type gebouw weer iets nieuws te vertellen, en sommige missen een uitgebreide historische toelichting. Maar net zoals een ‘gewoon’ museum vaak meerdere objecten uit dezelfde categorie bewaart, geldt hier hetzelfde voor historische huizen, zou je kunnen zeggen. Voor wie toch nog wat ‘grotere’ geschiedenis wil zien, is er het overdekte museum naast het openluchtgedeelte, waar de Canon van Nederland wordt behandeld aan de hand van allerlei voorwerpen. Zo kun je de ‘gewone’ huizen ook in een bredere context plaatsen.

Het Openluchtmuseum is absoluut een leuk dagje uit. Voor de doorgewinterde historicus is het leuk om allerlei oude gebouwen uitgebreid te bekijken, en voor de minder ervaren museumganger is het een interactieve manier om met geschiedenis in aanraking te komen en te zien hoe ons dagelijks leven zich heeft ontwikkeld.

Door Stella van Ginkel

Berichten gemaakt 1298

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven