Onze vrouw in Zürich: De Zwitserse Talenknobbel

De talenknobbel van Zwitserland

Een tijd geleden besloot ik Zürich een aantal dagen te verruilen voor de Zwitserse Alpen. Met een vooruitzicht op lekker uitwaaien op de skipiste, vertrok ik oostwaarts richting het kanton Graubünden. Deze tocht heeft een diepe indruk op me gemaakt, niet in de eerste plaats door het prachtige landschap dat ik passeerde. In deze rit van zo’n drie uur liet ik het Duitstalige Zwitserland achter me en verruilde dit voor een regio waar niet alleen Italiaans maar ook het oude Reto-Romaans gesproken wordt. Hoewel ik eindelijk het Zwitsers-Duits enigszins onder de knie heb, realiseerde ik me dat ik dit lang niet overal in Zwitserland gebruiken kan. Om mezelf overal in dit land verstaanbaar te maken, moet ik mezelf naast het Zwitsers-Duits nog drie andere talen aanleren.

Viertalig Zwitserland

In principe kan je in het grootste deel van Zwitserland wel uit de voeten met Zwitsers-Duits: zo’n 63.3 procent van de bevolking is namelijk Duitstalig. Zodra je echter richting het zuidwesten van Zwitserland vertrekt, kom je terecht in een deel van het land waar Frans de hoofdtaal is. Dit is voor 22.7 procent van de bevolking het geval. In Ticino, het meest zuidelijke kanton van het land, spreekt de bevolking Italiaans. Dit geldt ook voor het zuidelijke deel van het kanton Graubünden. In de rest van dit kanton spreekt men Reto-Romaans. Dit is slechts een handjevol; slechts 0.5 procent van de bevolking spreekt deze oude taal.

Oorsprong

De vraag rijst waar deze ‘Zwitserse talenknobbel’ vandaan komt. Deze zoektocht leidt ons zo’n 2500 jaar terug in de tijd. Toen leefde een Keltische stam, de Helveten genaamd, in het oosten van wat nu Zwitserland is. Deze stam sprak een Keltische taal, die in de loop van tijd geheel verdwenen is. In het zuidoosten leefden daarnaast de Raetiërs. Hun grondgebied werd, net als dat van de Helveten veroverd, door Julius Caesar, en behoorde destijds tot het Romeinse Rijk. Net als in de rest van het Romeinse Rijk werd ook hier het Latijn ingevoerd. Toch werd de officiële voertaal van de Raetiërs, het Reto-Romaans, behouden.

Rond 400 na Christus besloot een grote groep Germaanse stammen de Rijn over te steken en zich te vestigen in het zuiden van Europa. Daarvoor was er nog een scheiding waarneembaar tussen de Germaanse stammen die voornamelijk in het gebied boven de Rijn leefden en de Keltische en Romaanse stammen die zich onder de Rijn gevestigd hadden. Onder meer de Franken waagden de oversteek en streken neer in het noorden van Frankrijk.

Ook de Bourgondiërs staken de Rijn over en emigreerden naar het westen van Zwitserland. Zonder slag of stoot besloten deze stammen zich te voegen bij het Romeinse rijk, met als gevolg dat ook zij de Romeinse gebruiken overnamen. Een ander Germaans volk dat zich vestigde in het zuiden van Europa waren de Longobarden. Zij vestigden zich in delen van Italië en de valleien van het zuiden van Zwitserland. In de eeuwen die volgden, ontwikkelden de verschillende Latijnse dialecten van deze stammen zich tot onder meer het Italiaans en Frans dat we vandaag de dag kennen.

Ook het noorden van Zwitserland bleef niet gespaard: deze regio werd ingenomen door de Germaanse Alemannen. Zij hadden echter niet de ambitie tot het Romeinse Rijk te behoren, dus hielden de Alemannen zich afzijdig van de Romeinse steden en behielden hun eigen Germaanse taal. Hierdoor verdwenen de Keltische en Romeinse taal in de loop van de tijd in het noorden van Zwitserland. Dit is dan ook de reden dat Duits tegenwoordig ook nog de voertaal is in dit deel van het land.

 

Bureaucratisch maar harmonieus

Vier talen in een land met dezelfde oppervlakte als Nederland. Een hoop bureaucratisch gedoe, zou je denken. Dat is zeker niet gelogen. Elke voertaal heeft een eigen omroep en nationale documenten zijn verkrijgbaar in het Duits, Frans en Italiaans. Daarnaast krijg je bij een bezoek in de bioscoop van Zürich een Duitse én een Franse ondertiteling voorgeschoteld. Dit is op zich niet zo gek, aangezien slechts een handjevol van de Zwitserse bevolking alle vier de talen spreekt. In het oosten van het land, waar de bevolking nog Reto-Romaans spreekt, wordt op de middelbare school ook nog Duits of Italiaans onderwezen. Aangezien Reto-Romaans alleen in het kanton Graubünden als officiële voertaal dient, kunnen ze hiermee in de rest van het land niet uit de voeten.

Deze verscheidenheid in talen brengt echter ook een verscheidenheid in culturen met zich mee. De Italiaanssprekende Zwitsers houden er een eigen cultuur op na die niet te vergelijken is met die van de Duitse Zwitsers. Dit is iets waar de Zwitsers trots op zijn! Dus, ondanks het feit dat niet alle Zwitsers elkaar kunnen verstaan, is er van harmonie wel degelijk sprake. Daarnaast wordt elke poging gewaardeerd. Zo is het meteen duidelijk wanneer ik iemand gedag zeg met de Zwitsers-Duitse begroeting ‘Grüezi mitenand!’ (wat letterlijk ‘groeten met elkaar’ betekent) dat ik geen Zwitser ben. Toch weet ik elke keer weer een glimlach op het gezicht te toveren van degene die ik begroet. Zo zie je maar weer dat elke poging door de bevolking gewaardeerd wordt, ongeacht in welk deel van Zwitserland je bent.

Verder lezen

Alan W. Ertl, Capitalism, The Swiss Model (2014).
Jonathan Steinberg, Why Switzerland? (1976).
Bundesamt für Statistik BSF, ‘Sprachliche Praktiken in der Schweiz. Erste Ergenisse der Erhebung zur Sprache, Religion und Kultur 2014’ (2016).

Mette Vreeken (1992) studeerde Journalistiek en Politiek en Maatschappij in Historisch Perspectief in Utrecht. Momenteel bevindt zij zich in Zürich om de Duitse taal te leren spreken en de nodige buitenlandervaring op te doen. Ze hoopt in Zürich nog een relevante stage te vinden om haar journalistieke horizon te verbreden.

Berichten gemaakt 1236

Gerelateerde berichten

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven